maandag 11 januari 2016

Story in 8 tweets



Hoe ongelukkig moet je zijn om de deur uit te wandelen en naar een plek te gaan waar je met andere ongelukkigen protest aan kunt tekenen?

Je favoriete tvprogramma overslaan, je jas aantrekken, je schoenen aandoen, de deur achter je dicht trekken en op pad naar de locatie.

Daar tref je dan mede-ongelukkigen die hetzelfde besluit hadden genomen als jijzelf. Tijd om op te komen voor de ongelukkigen in de wereld!

Let wel, de ongelukkigen die net zoals jij een bank hebben om op te zitten een tv om naar te kijken en schoenen en een jas. En een mening.

En daar sta je dan. Met je bezit van eigendom, met dak boven je hoofd, met medeongelukkigen, te roepen dat de anderen er niet bijhoren!

De anderen. Zij die het wagen om jouw ongelukkige bestaan te komen vergallen met hun aanwezigheid. Hoe durven ze! In jouw omgeving! Bah!

En dat allemaal omdat er iemand ergens ver weg mensen ongelukkig maakt door ze met de dood te bedreigen, familie uit te moorden etc. etc.

Ze horen hier niet. Zoveel is je duidelijk. Je bent al ongelukkig genoeg zonder hen immers! Laten ze hun eigen ongeluk in eigen land zoeken!

zondag 10 januari 2016

Onze vrouwen

In weer en wind fietste ze heen en weer, van huis naar school en weer terug. Het was maar een paar kilometer, toch was het elke dag opnieuw een barre tocht. Eerst was er het groepje aan de overkant, dat elkaar altijd opwachtte en bij het wachten zich vermaakte met lollige opmerkingen plaatsen tegen voorbijkomende fietsers, vooral meisjes, aangezien het groepje bestond uit jongens een logisch gebeuren. Ze probeerde altijd onzichtbaar langs ze te komen, want hoewel haar aardige buurjongen (geadopteerd en daardoor van een andere huidskleur dan zijzelf) er tussen stond en haar altijd bemoedigend toelachte wist ze dat er altijd wel een van de anderen zou zijn die haar in het oog kreeg en zijn mond niet houden kon. 
De opmerkingen zelf had ze verbannen uit haar hoofd, ze waren in een stijl en van een toon die ze thuis niet gewend was en amper durfde te denken, laat staan hardop herhalen. 
Na het groepje aan de overkant ging ze een eindje verderop door een tunneltje. Daar stonden anderen, deze groep kende ze geen mens van en dat maakte het minder complex, dit was een kwestie van oren dicht en hard doorfietsen. En dan voorbij het bos waar nu en dan een wandelaar haar aan het schrikken maakte die daar dagelijks zijn hond uitliet, een jonge man met een vriendelijk gezicht en een schitterende hond, echter ook met een stem als een bazuin en een manier van 'hé meisje' roepen die haar de stuipen op het lijf joeg. Na het bos kwam de laatste hobbel, de werklui die nog even een sigaretje namen voor ze aan de slag gingen. Geen van allen kon het nalaten haar na te fluiten en woorden toe te roepen die haar angstwekkend in de oren klonken. Ze was altijd weer blij als ze hen buiten gehoorsafstand had gelaten. Je weet maar nooit, straks gingen ze ook nog doen wat ze riepen!

Dertig jaar later. Het meisje is een vrouw geworden. Haar kinderen groeien op in een andere wereld. De jongens van toen zijn de mannen van nu geworden. De klanken die ze hen hoort bezigen zijn niet veranderd. Nu roepen ze echter dat anderen zo tegen vrouwen praten, dat anderen met vrouwen dergelijke dingen willen doen. Ze snapt het niet. De blanke man mag zeggen wat haar dierbare donkere buurjongen wel uit zijn hoofd liet indertijd. Als enige in die tijd. Tegenwoordig wordt juist hij en met hem alle anderen die niet blank zijn en geboren in dit land beticht van dingen die geen mens met gezond verstand goed zou keuren als het over zijn eigen dochter, zus of vriendin ging. Mensen zijn merkwaardige wezens. 





dinsdag 29 december 2015

Hulpwerkwoordenballade

Ik schijn een mens te zijn, sprak de mens.

Ik blijk een mens te zijn, sprak de mens.

Ik heet een mens te zijn, sprak de mens.

Ik dunk me een mens te zijn, sprak de mens.

Ik schijn me toe een mens te zijn, sprak de mens.


Ik kom voor een mens te zijn, sprak de mens.

Ik lijk een mens te zijn, sprak de mens.

Ik ben een mens!

©Fictorie, juli 2015 "Straatbeeld Spoleto, Italië"




zondag 27 december 2015

Name calling

Het woordenboek op internet zegt dat 'name calling' vertaald kan worden met 'gescheld', 'getier'. Maar dat bevalt me geenszins, want dat zijn te zware woorden voor een alledaags verschijnsel. Mensen hebben in het algemeen de neiging om hun wereld overzichtelijk te houden. En overzicht krijg je door dingen bij hun naam te noemen. Letterlijk 'name calling' dus. Op zich een doodnormaal verschijnsel. Het is hartstikke onhandig om niet te weten waarover je praat, noem het beestje maar gewoon bij zijn naam! Dus mag een tafel tafel heten, ook al benut je het op dat moment als stoel. (of net andersom) En kan een bed een bed heten, ook al gebruik je het op dat moment als sofa (een ouderwetserig woord voor bank, niet van het betaaltype, maar zo'n lang ding dat je in je woonkamer zetten kunt). 
Woorden maken de wereld inzichtelijk en betrouwbaar. In het algemeen gesproken dan. 

Waarom dan deze blog? Een blog is immers de plek bij uitstek om iets aan te kaarten dat in het dagelijks leven opvalt, ergert, de aandacht trekt, spannend is, boeiend overkomt of iets anders actiefs doet in het hoofd van de auteur van de blog. 

Klopt. Zo ook hier. Nu. 

Name calling. Het is een alledaags verschijnsel met grote uitwassen die mensen in hoeken duwen waar ze zich niet willen bevinden of indelen in hokjes die mogelijkerwijze niet eens bestaan of verzonnen zijn om de wereld overzichtelijker te maken. 
Dan krijg je dus dat er gesmeten wordt met termen die algemene beelden verwoorden over dat wat in dat ene woord vervat is. De diepe nuance wordt ten enen male gemist. De grijstinten genegeerd. Het is een zwart wit verhaal dat door iedereen in een oogopslag begrepen wordt. Althans, dat meent de gebruiker van het woord.
En dan gebeurt er iets vreemds. Wanneer je dingen namen gaat geven, wanneer je mensen in groepen in gaat delen, dan zie je ineens dat er een groep is die valt onder je definitie. Tenminste, dat is hoe je gaat waarnemen. Ook al klopt er geen barst van!


Zo ontstaat de wij/zij wereld van de hullie en zullie taal. 
Zo ontstaat haat. 
Zo ontstaat onbegrip.
Zo ontstaat vervreemding.
Zo ontstaat verwijdering.
Zo ontstaat gettovorming.
Zo ontstaat 'blame the victim' gedrag.
Zo ontstaat 'wat ik niet wil zal jou zeker niet geschieden'. 
Zo ontstaat 'opgestaan is plaats vergaan'.
Zo ontstaat nimby.
Zo ontstaat onveiligheid.
Zo ontstaat chaos.

En het begint allemaal bij name calling. 


Op zich een neutraal verschijnsel. 

In den beginne was het woord. 


'Er zij licht'. 

zondag 20 december 2015

Wegwezen! (een tweeluik)

De wereld bestaat uit snelwegen. 

De wereld bestaat uit landwegen. 

De wereld bestaat.

Hoe de wereld bestaat bepalen we helemaal zelf. Door de weg die we bewandelen, de stappen die we zetten, de routes die we nemen. 




De wereld bestaat uit tolwegen.

De wereld bestaat uit bruggen en viaducten.

De wereld bestaat. 

Of de wereld bestaat bepalen we met elkaar samen. Door de weg die we blokkeren, de stappen die we weigeren, de routes die we vermijden.


zaterdag 14 november 2015

Opstandig verzet



14 november 2015 
Dag waarop Sinterklaas voet aan Nederlandse bodem zet.

Dag waarop de wereld geschokt reageert op de aanslagen in Parijs, de avond tevoren, zeven in getal.

Dag waarop de magische wereld van het kind bedreigd wordt, door volwassenen die hun eigen gelijk hoger achten dan kindergeluk. 

Het een mag niet met het ander in verband gebracht, spreken stemmen op twitter. 

Maar hoe kun je verbanden negeren als alles op je netvlies verschijnt en je verlamt en verwart en raakt waar je niet geraakt wilt worden. Verbanden hoeven niet gelegd, ze zijn. Verbanden hoeven niet gevormd, ze schreeuwen je toe. 

Werkelijke vrijheid van denken geldt voor diegenen die zich durven begeven op paden die niet de moeite van het denken waard zijn en toch gedacht schijnen te kunnen worden en dan gedachteloos besluiten het denken te staken en een gezonder spoor gaan zoeken vol bewustzijn en geestkracht.
Waar mensen het bestaan om anderen naar het leven te staan is een zoet gebeuren als een fantasierijk toneelspel dat een land ruim drie weken in de ban kan houden - nog afgezien van de commerciële spin off die al maanden langer de detailhandel geen windeieren lijkt te leggen – een welkome afleiding van de toestand in de wereld en dienen de onverlaten die juist deze dag kozen voor hun grote gelijk ( dat pas in de tand des tijds zal blijken als alles van vandaag geschiedenis geworden is) de minste aandacht te krijgen. 

Hij is weer in het land, de kinderen van dit land mogen weer dromen en hopen en verlangen en wensen en over een week of wat hun wensen vervuld zien danwel om leren gaan met de onvervulbaarheid ervan en het besef dat wat wel hen toebedeeld werd toch werkelijk ook vreugde gaf en niet een pijnlijk gemis van wat liever gehoopt was betekende. Deze tijd van het jaar is een tijd waarin we met onze neus op de feiten gedrukt worden. De feiten dat er ongelijkheid heerst in de wereld en dat rijke gezinnen meer ontvangen kunnen van de goedheiligman dan gezinnen waar een dagelijks ontbijt al een probleem vormt en winterjassen altijd zoveelstehands zullen moeten zijn. Kinderen zijn niet blind voor die realiteit, maar geloven met heilig vertrouwen in de geest van geven die Sint Nicolaas elk kind in het hart legt met elk klein geschenk dat ontvangen mag worden. Dankbaarheid leren kinderen door te mogen ontvangen. Geduld leren kinderen door te mogen verwachten en hopen. Solidariteit leren kinderen door te mogen delen in eenvoudige vreugden op georganiseerde intochten en Sinterklaasontvangsten op school en in dorpen en steden, vrij toegankelijk voor ieder kind. 

Heeft niets te maken met moord en doodslag in de Lichtstad. 
Heeft alles te maken met hoe we kijken naar dergelijke nare gebeurtenissen die ons allen raken al waren we er geen onderdeel van als dader of slachtoffer, als overlevende of getuige, als rechtshandhaver of vreemdeling. 
Met de intocht van de Goedheiligman komt meer in ons land terecht dan gesteggel over de al dan niet kloppende visie dat zijn knechten verkeerde boodschappen overbrengen op de tere kinderziel. Met de intocht treedt een droom onze wereld binnen van een realiteit waarin kinderen gelijkwaardig aan elkaar zijn, ongeacht hun geboortegrond, huidskleur of opvoeding. Kinderen, ook zij die dat slechts in hun hart nog zijn, mogen dankzij de Goedheiligman weer herontdekken dat dromen gedroomd mogen worden en met een beetje geluk nog uit zullen komen ook, dat delen in vreugde vreugde vergroot en dat het een genoegen is om te wachten op wat komen gaat en er nu nog niet is. Deze dag leert ons toeleven naar een wereld die dichterbij kan komen als we het spel weer durven spelen dat ons kinderlijk gelukkig laat zijn. 

De wereld is vannacht niet vergaan. 
Sinterklaas is toch gekomen! 

©Fictorie, Groningen 17-11-2013

maandag 9 november 2015

Wie veel leest kan veel verhalen

Soms voel ik me extreem bejaard in deze wereld van jonge geesten met geestige gedachten over onzinnige dingen die menen wielen uit te vinden waar anderen het hele voertuig al weer achter zich gelaten hadden. Het is ooit zo geweest dat mensen die niet verder kwamen dan de grenzen van hun dorp - ja echt, dat kwam voor! toen er nog winkels, scholen en kerken in dorpen te vinden waren, was het mogelijk levenslang de grenzen van je eigen dorp niet te overschrijden - en zich er amper bewust van waren dat er een wereld bestond buiten de grenzen van dat dorp. Kwamen ze op enig moment in een ander dorp, of nog erger, in een stad, dan keken ze hun ogen uit en waren verbijsterd over wat ze zagen, omdat het zo afweek van wat ze gewend waren. Kwamen ze met die ervaring weer terug in hun dorp dan was iedereen in hun omgeving er van overtuigd dat ze teveel fantasie hadden en dat wat ze beweerden niet waar kon zijn omdat het hun voorstellingsvermogen te boven ging. De enkeling die het na die ene incidentele ervaring waagde nogmaals de oversteek over de eigen dorpsgrenzen te maken was voortaan een vreemdeling, een excentrieke uitzondering op de gewone bevolking en had niet meer zoveel invloed op de dorpsmening als voorheen, aangezien een groep die bestaat bestaat bij de gratie van de groep en dissidente tegengeluiden niet gebruiken kan wil men niet de groep als groep op het spel gaan zetten. 
-  Sociologie, beste lezer, sociologie. Een vak op de universiteit, waar menigeen nog wat van op zou kunnen steken! Maar dit geheel terzijde. - 

Waarom ik me bejaard voel in deze wereld? Extreem bejaard zelfs? Omdat het omgekeerde van wat voorheen plaatsvond nu in deze tijd gebruikelijk schijnt te zijn. Wie in deze tijd leeft kan het niet maken om levenslang in het eigen dorp te blijven. Ieder mens reist wat af, kijkt veel rond, shopt her en der en ziet de wereld met eigen ogen. 

Het merkwaardige is echter dat hoe meer er bekeken wordt des te minder er gezien lijkt te worden. Alles wat ontdekt wordt wordt omhelsd als beter dan wat voorheen gezien werd en gepropageerd alsof het de eeuwige waarheid is, totdat de volgende horizon opdoemt en een nieuw vergezicht de ogen opent voor alweer een andere te omhelzen visie of gedachte of plan of ontwerp of idee of project. Nieuw is altijd beter, anders is altijd echter en apart is altijd unieker dus meer te ambiëren dan wat al bekend was en bestond en vertrouwd was en begrepen werd. 

Hoe langer ik leef hoe meer zogenaamd vernieuwende geluiden tot me doordringen, die ik telkens weer detecteer als vermeende nieuwe wijn in door mij herkende oude zakken, waar de ontdekker dezes meent oude wijn gevonden te hebben echter verzuimde de les dat die niet in nieuwe zakken past mee te nemen in de eigen overwegingen. 

Ik zie in de wereld waarin ik mij beweeg op diverse gebieden dezelfde dingen gebeuren. Dat heet dan tijdgeest, zo is me ooit geleerd. Maar het vreemde is dat tijdgeest iets is waar we allen deel van uitmaken en desondanks keihard ontkennen zodra we menen iets nieuws gevonden te hebben dat nog niet eerder ontdekt was. 
De heen en weer beweging van centraliseren naar decentraliseren en weer terug is er een simpel voorbeeld van, dat in diverse werelden bekend verondersteld kan worden en toch keer op keer als nieuw concept opgeld blijkt te doen. Ik snap dat niet. Voel me meer en meer een 'ouwe zeur' als ik mensen er op wijs dat wat ze willen proberen niet gaat werken omdat ze voorbij gaan aan de lessen uit de geschiedenis die tonen dat elke verandering ook weer een tegenbeweging op roepen zal en dat niet rekening houden met die tegenbeweging de verandering in een verslechtering om zal doen slaan waar het als verbetering geïntroduceerd werd en veelal slechts ingegeven werd door dollartekens in de ogen als van de oude Dagobert Duck, voorvechter van winst om de winst en groot tegenbeeld van hoe een samenleving zou behoren te functioneren wil het het woord samenleving dragen en niet weggezet worden als maat-schap-pij. 

Ik begeef me al enige jaren in kringen (op internet veelal, al ga ik de werkelijke wereld niet uit de weg, het is immers allemaal een en hetzelfde, wat je leest in de virtuele wereld vindt haar oorsprong in de werkelijke wereld en is er een afdruk van en voor de nadenkende beschouwer zeker te herkennen in de werkelijke wereld) waar mensen zich bezighouden met 'hoogbegaafdheid' en 'autisme'. Termen die paraplubegrippen en containerbegrippen blijken te zijn. Hoogbegaafdheid is soms af te doen als 'een hoog IQ' waar ik het liever zou laten samenvallen met 'gezond boerenverstand'. Autisme is soms af te doen als 'hier kan ik geld mee verdienen' waar ik het liever zou scharen onder 'hou rekening met elkaar'. 
Het is bizar om keer op keer te merken hoe hele volksstammen zonder enige kennis van zaken en persoonlijke banden met het fenomeen waar ze zich mee bezig houden in staat blijken te zijn andere volksstammen achter zich te verzamelen als waren het fans van een held of groupies van een popster of (in wat gunstiger bewoordingen) leerlingen van een leraar, alsof ieder mens met gezond verstand het nodig heeft andermans gezond verstand te lenen teneinde het eigen gezond verstand te kunnen inzetten om aan meningsvorming te doen die er ook nog toe doet.
Denk zelf is al jaren mijn motto. Ik stel veel vragen en wordt dan versleten voor onwetend, alsof het niet waar zou zijn dat je van vragen wijs wordt, zoals me ooit geleerd is in de tijd dat ik nog veel moest leren om te kunnen komen waar ik geweest ben en steeds opnieuw naar op weg ben, een plek waar ik anderen wellicht iets aan kan reiken van wat ik opgedaan heb in mijn niet zo lange maar blijkbaar zeer goed gevulde leven. 


De favoriete plek uit mijn jeugd is een plek die in deze tijd nog even rustig rustgevend leerzaam en nuttig is als voorheen. Sommige dingen veranderen niet. Hoewel......waar voorheen elk iets groter dorp er een bezat is het tegenwoordig normaal zo'n plek te sluiten wegens geldstromen die andere rivieren moeten voeden en de mobiele variant uit het straatbeeld te schrappen omdat er een virtuele wereld is waar iedereen - nou ja, die illusie leven we in - goed toegang toe heeft. Ik doel op dat lastige woord dat zich met vier letters laat samenvatten en dan door iedereen begrepen wordt als plek waar je alleen heengaat als plaatjes niet het enige zijn dat je boeien kan en bewegende beelden voor jou minder nodig zijn dan letters die de wereld duiden kunnen. Ik vertoefde er een groot deel van mijn jeugd, leerde er meer over de wereld waarin ik leef dan ik ooit had kunnen doen door in die wereld rond te hangen, aangezien de stof die ik tot me nam zich in letters sneller nuttigen laat dan via het zien en ruiken en horen wat voor mij persoonlijk (wegens autisme, jawel, die diagnose kreeg ik opgespeld al draag ik het niet als lintje dat ik uit handen van een staatshoofd (via een tussenpersoon dan) mocht ontvangen, maar als nuttige verklaring voor mijn eigen aardigheden die anderen veelal duiden als eigenaardigheden wanneer ik ze laat horen en zien waarin ze naar mijn bescheiden mening de plank misslaan op grond van gebrek aan kennis danwel inzicht of soms beide tegelijkertijd en in ieder geval bij mij vragen oproepen die ik dan gewoon stel, ook al ontmasker ik de keizer dan weleens als naakte aap) te indringend zou zijn en mijn opnamecapaciteit danig zou beperken wegens overload aan informatie die ik in letters in gematigd tempo nuttigen kan al naar gelang mijn energie van dat moment. 

Lees meer, leef beter, luister dieper, onderzoek echter en bezint eer je beweert, het zijn de nieuwe motto's die samenvallen onder dat ene adagium 'denk zelf'. 

Bibliotheken, laten we die walhalla's voor de leergierige ziel nooit opheffen, hoeveel digitale werelden we ook scheppen kunnen met hoeveel (on)toegankelijkheid ook. Delen van kennis is wat bibliotheken doen en het is een teken aan de wand dat we er minder en minder exemplaren van in leven wensen te houden. Ik wil meer bibliotheken! 

Gelukkig verdween het gratis lidmaatschap voor kinderen onder de 18 nog niet. Maak er gebruik van jongelieden die daarvoor in aanmerking komen! Lezen maakt wijs en helpt je bij het duiden van wat de virtuele wereld je wijs wil maken. Denk zelf.